Jezelf zijn versus jezelf zien

PlantjeBeware: Hier komt een filosofisch stukje. Eentje die is ontstaan uit mijn eeuwige hersenspinsels over het ‘zijn’. Over het mij zijn, basically. Want ik vind mij zijn dus op de meeste momenten een groot feest met alle bijbehorende liedjes, confetti, gezelligheid en vooral veel lekkers (never not eating en dat soort fratsen), maar soms vind ik mij zijn ook maar een ingewikkelde bedoening. Ik bedoel: ik ben echt koning in het mezelf vooral niet makkelijk maken. Zeg maar gerust moeilijk. Dit alleen al; de eeuwige twijfel over wie ik nou ben. Maar goed, who on earth heeft dat dan ook al helemaal uitgevogeld op deze leeftijd. Sommige mensen weten het geloof ik rond hun 60e nog niet! En, nog zo’n vraag waar ik van in de clinch ga liggen (en dat is geen charmant gezicht denk ik zo): Moeten we dat ook wel willen weten? Is dat wel allemaal zo noodzakelijk, dat ‘weten wie je bent en wat je wil in dit leven’.

Ik zit op dit moment op een niet zeer comfortabele stoel die toebehoort aan de Starbucks op station Leiden. Om mij heen vooral glas – ramen. Ik zie allemaal mensen lopen. Rennen, soms. Trein halen want ‘ik moet hier en daar zijn’. Het liefst alles tegelijk tegenwoordig, want we komen tijd tekort. Als mijn hersenen op standje nadenken staan, valt het me op hoe anders iedereen is. Goh, newsflash he? Nee, maar echt! En ik heb altijd een heel duidelijk beeld hè, op wie ik wel wil lijken en op wie niet. Stomme beauty standards ook, want hoe kan ik daar nou op die manier over oordelen? Iemand loopt misschien in 5 seconden (hooguit) aan me voorbij en ik heb puur op uiterlijk bepaald of ik wel of niet met hem of haar (meestal haar) zou willen ruilen. Suf, toch? Want het gaat toch allemaal om veel meer dan dat?

Ik zou mijn leven namelijk nooit willen ruilen. En dan met name de relaties die ik heb met de mensen om mij heen. En wat dacht je van mijn thuis? De kansen die ik krijg? Ik heb een (tot nu toe – heel dankbaar) vrij probleemloos leven en eigenlijk kan en mag alles. Natuurlijk loop ik ook wel eens tegen een muur (helaas is dat niet geheel figuurlijk) of vallen er vaak genoeg tranen over mijn wangen, ja. Maar oh men wat ben ik dankbaar voor mijn gezondheid, mijn familie, mijn vrienden en vriendinnen, dat ik kan studeren, dat ik een eigen plekje heb in Leiden en ga zo nog maar even door.

Het intrigeert me gewoon – dat eeuwige stemmetje in mijn hoofd dat alles en iedereen analyseert op ‘eigenlijk-zou-je-zoals-zij-moeten-zijn’ schaal. Zelfs wanneer ik dus met mijn gezonde verstand kan bedenken dat ik nooit iemand anders zou WILLEN zijn. Als mijn leven aan mijn uiterlijk zit vastgeplakt (which it does, eigenlijk), dan wil ik het allerliefst mijn bolle toet, mijn niet meer zo krullerige, stro-achtige haar, mijn ietwat kleine borsten (ja, ik beschreef zojuist mijn boezem op het internet jongens dit gaat mis someone save me) en zelfs mijn flubberige buikje voor altijd houden. (Om dat alles vervolgens voor de spiegel weer te bekritiseren).

Liefs, Stel.

(Bron)

Deze post heeft een reactie

Geef een reactie

Sluit Menu